Terug naar het woordenboek

Deva verwijst naar een goddelijk wezen of godheid in hindoeïsme, boeddhisme en andere spirituele tradities.

In de Indiase spirituele context, zoals in het hindoeïsme en sommige vormen van het boeddhisme, worden Devas gezien als goddelijke wezens of goden die zich in verschillende hemelse rijken bevinden.

Ze worden geassocieerd met de natuur of kosmische krachten en worden vereerd en aanbeden door gelovigen. Elk van hen heeft zijn eigen rol en specifieke eigenschappen.

Ganesha is een van de meest aanbeden Devas in het hindoeïsme. Hij wordt vaak afgebeeld met het lichaam van een mens en het hoofd van een olifant.

In het boeddhisme verwijst de term Deva ook naar goddelijke wezens, maar in deze context worden ze gezien als sterfelijke wezens die zich in een hogere hemelse rijk bevinden als gevolg van hun goede daden en spirituele verdiensten.

Net als bij alle wezens in de cyclus van wedergeboorte, worden ook Devas beschouwd als onderworpen aan vergankelijkheid en wedergeboorte.

Buiten de Indiase spirituele context wordt Deva soms ook breder gebruikt om te verwijzen naar goden of goddelijke wezens in andere culturen en religies.

Het spirituele begrip van de week

Leuk en leerzaam. Hoe zit het ook alweer? Dat ontdek met het spirituele begrip van de week in jouw e-mail. Meld je hier aan.

Aanmelden gelukt